April–meiZaai warm binnen voor en reserveer voldoende lichte opkweekruimte.
- Kiemen en temperatuur
- Warmte helpt de kieming; gebruik de rasinstructie voor de temperatuur.
- Na de opkomst
- Zet zaailingen direct na opkomst licht. Een donkere zolder vraagt geschikte groeiverlichting; warmte alleen is onvoldoende. Ventileer en houd de grond vochtig, zonder haar te verzadigen.
- Verspenen en oppotten
- Zaai in afzonderlijke potjes of diepe modules. Verspeen niet met kale wortels; zet de hele kluit over voordat de wortels vastlopen.
- Afharden en uitplanten
- Laat binnen opgekweekte planten geleidelijk aan zon, wind en buitentemperatuur wennen; zet ze bij koude nachten weer beschut. Na afharden en de laatste vorst, meestal eind mei–juni. Plant de kluiten in een blok voor bestuiving.
Laat jonge maïs niet te lang in kleine potjes staan. Popcorn vraagt voldoende seizoen om de kolven te laten rijpen en drogen.
Bronnen en toepassing
RHS · suikermaïs ↗Britse teeltrichtlijn voor een gematigd klimaat; de genoemde perioden zijn richtlijnen voor Nederland en Vlaanderen.
University of Minnesota Extension · Growing popcorn ↗Soort- of productgebonden bron; buitenlandse perioden zijn geen vaste Nederlandse zaaidatum.
Iowa State University Extension · Growing and harvesting popcorn in the home garden ↗Soort- of productgebonden bron; buitenlandse perioden zijn geen vaste Nederlandse zaaidatum.
Richtperioden voor Nederland en Vlaanderen. Controleer het ras, beschikbare licht, bodem en gemeten temperaturen. Kasverwarming is geen garantie voor voldoende winterlicht.