Waarom Red Sun kweken?
Ronde rode sjalot voor verse gerechten en bewaring.
Kies Red Sun voor een ronde rode oogst met bewaarmogelijkheid. De verschillende maten uit een nest zijn handig voor kleine en grotere gerechten.
Zo smaakt deze keuze
Red Sun heeft het bekende aromatische sjalotkarakter. Een bewezen verschil in zoetheid met Longor ontbreekt; kleur en ronde vorm helpen hier kiezen.
Van oogst naar keuken
Gebruik fijn gesnipperde sjalot in vinaigrette of laat halve bollen langzaam karamelliseren. Kleine ronde exemplaren kun je ook heel stoven.
Dit vraagt aandacht bij het kweken
Plant bedoeld pootgoed in een zonnig, drainerend voorjaarsbed. Laat rondom elke bol voldoende ruimte, want er vormt zich een cluster nieuwe sjalotten.
Rooi na natuurlijke afrijping bij droog weer. Splits en droog de oogst, controleer opgeslagen bollen op zachte plekken en verwerk afwijkende exemplaren snel.
Kies op smaak, vorm en gebruik
Longor: Lange sjalot met koperrode schil en een roze-paarse kern. Snijd lange sjalotten in ringen voor dressing of halveer ze in de lengte voor de oven. Gelijke stukken garen samen zonder snel uit te drogen.
De sjalotsmaak is aromatisch en uiachtig, rauw duidelijk scherper dan na garen. Voor Longor is vooral de lange vorm een onderbouwd verschil.
Red Sun: Ronde rode sjalot voor verse gerechten en bewaring. Gebruik fijn gesnipperde sjalot in vinaigrette of laat halve bollen langzaam karamelliseren. Kleine ronde exemplaren kun je ook heel stoven.
Red Sun heeft het bekende aromatische sjalotkarakter. Een bewezen verschil in zoetheid met Longor ontbreekt; kleur en ronde vorm helpen hier kiezen.
Bolteelt en zaadteelt onderscheiden
Plantsjalotten zijn de toegankelijke start: je plant een bestaande bol en oogst een cluster. Zaadteelt vraagt een langer traject en een zaadras dat voor jouw omstandigheden wordt aangeboden. Bewaar de rasnaam; vorm, kleur en houdbaarheid verschillen tussen selecties.
Zoek zon en lucht bij de bollen
Sjalotten houden niet van stilstaand water. Maak een dichtgeslagen bodem los of kies een verhoogd bed. Geef geen verse mest vlak voor het planten. Een schoon vak helpt vooral jonge planten, omdat het smalle loof de bodem maar weinig afdekt.
Laat de punt boven de grond kijken
Voorjaarsplanting is een bruikbaar uitgangspunt voor veel plantsjalotten; najaarsplanting vraagt daarvoor geschikt plantgoed en goed drainerende grond. Zet de wortelbasis omlaag en de top net zichtbaar. Druk de bol niet met kracht in harde aarde maar maak eerst een plantplek.
Meer keuze vraagt meer voorbereiding
Zaai een geschikt sjalottenras volgens de aangegeven periode, binnen voor of rechtstreeks wanneer dat wordt geadviseerd. Houd de zaaigrond gelijkmatig vochtig. Plant stevige zaailingen uit met ruimte rond iedere plant, en verwacht niet automatisch dezelfde cluster als bij plantsjalotten.
Een cluster heeft eigen ruimte nodig
De aanvankelijk enkele bol deelt zich tijdens de groei. Laat de zich vormende bollen met rust en trek onkruid voorzichtig weg. Te dicht planten beperkt de beschikbare ruimte en luchtcirculatie. Verwijder beschadigd loof niet routinematig als de plant verder gezond groeit.
Water tijdens groei, rust bij afrijpen
Geef in droge perioden water aan de wortelzone. In potten is die controle vaker nodig. Wanneer het loof vanzelf vergeelt en omvalt, nadert de oogst; probeer die afrijping niet met veel voeding en water in nieuwe bladgroei te veranderen.
Let op rot en voortijdige bloei
Zachte bollen, rottende wortels of schimmel aan de basis verdienen nader onderzoek. Haal aangetaste exemplaren apart en verplaats de uienfamilie volgend jaar naar een ander vak. Een bloemstengel kan de bewaarkwaliteit verminderen: gebruik die bol eerder en bewaar alleen gezonde stevige bollen.
Lichten, losmaken, drogen
Maak de bodem los met een vork en licht de hele cluster. Laat de bollen drogen op een luchtige plek die beschermd is tegen langdurige regen. Scheid de bollen voorzichtig wanneer ze voldoende droog zijn; sluit de oogst niet vochtig op in een bak.
Selecteer voor de voorraad
Bewaar alleen gave droge sjalotten op een koele, droge, geventileerde plek. Controleer regelmatig en gebruik zachte of beschadigde bollen meteen als ze nog geschikt zijn. Houd eetvoorraad en volgend seizoen gezond plantgoed apart, zodat een aangetaste bol niet ongemerkt opnieuw wordt geplant.